Ik zie ik zie, wat jij niet ziet

Kent u het spelletje nog? Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet….en de kleur is….Iemand neemt een voorwerp in gedachte wat te zien is in de ruimte waar ze zich bevinden. De anderen mogen raden naar het voorwerp. Het enige kenmerk dat ze krijgen is de kleur. Vanaf het moment dat de anderen mogen raden, kijkt iedereen om zich heen. Wat ziet de ander? Vanuit welk gezichtspunt kijkt hij? Kan hij toevallig een voorwerp zien dat voor mij lastig is om te zien? Wat zou de ander verstaan onder bijvoorbeeld ‘rood’ of ‘groen’? Je betrapt je erop dat je gaat kijken met de ogen van de ander.

Het principe, kijken door de ogen van de ander, loopt als een rode draad door de onderzoeken die wij – de doetank – de laatste maanden hebben uitgevoerd. Daarin zijn wij op zoek gegaan naar een andere aanpak voor rekenkameronderzoek. Wij vinden namelijk dat de traditionele aanpak van rekenkameronderzoek weliswaar doorgaans goede resultaten oplevert, maar dat er ook barsten in het glazuur van de huidige aanpak zitten.

Wat is dan een traditionele aanpak? Op dit moment beoordelen rekenkamers vaak een beleidsthema door binnen de organisatie onderzoek te doen. Het werkproces van de gemeente en het gevoerde beleid staan centraal. Vervolgens toetsen de onderzoekers de resultaten aan een normenkader, waarin de doelstellingen van de organisatie zijn vastgelegd. Deze vorm van onderzoek is zonder meer geschikt om verantwoording af te leggen over het presteren van de organisatie, zowel aan de raad als aan de lokale samenleving. Deze normerende aanpak blijkt echter minder geschikt als het onderzoeksdoel is om te leren en verbeteren. Voor leren en verbeteren is namelijk inzicht nodig in ingewikkelde materie, in achtergronden voor het slagen en/of falen van beleid, in de praktische uitwerking van beleid.

Wij zijn daarom gaan experimenteren met een aanpak, waarbij het perspectief van de belanghebbende voorop staat. Door op zoek te gaan naar de verhalen van deze belanghebbenden (burgers, reizigers, patiënten, etc.) wordt duidelijk welke dilemma’s, keuzes en percepties er spelen rondom een beleidsveld en de uitwerking van beleid in de praktijk. Deze verhalen geven inzicht in ieders perspectieven, verwachtingen en ambities. Hiervan kan worden geleerd, mits alle partijen ervoor open staan om kennis te nemen van elkaars opvattingen. De lerende omgeving die dan ontstaat, draagt bij aan een energieke aanpak. Een aanpak die niet uitgaat van goed en fout, maar die dilemma’s benoemt waar burgers, professionals, bestuurders in de complexe werkelijkheid tegenaan lopen.

We zien echter ook dat dit type onderzoek voor rekenkamers nogal wat betekent. Ze laten daarmee namelijk hun traditionele werkwijze los: geen normen formuleren, geen oordeel vellen over de doelmatigheid of doeltreffendheid van beleid. De uitkomst van deze nieuwe aanpak levert een beschouwing op, waarin dilemma’s, knelpunten en perspectieven worden benoemd. Handelingen van uitvoerders, ambtenaren, burgers, cliënten zijn nooit goed of fout, maar een logische reactie op beleid, regels, situaties.

Outside in

Outside in-onderzoek
Deze aanpak, die wij ‘outside in-onderzoek’ noemen, vinden wij een nuttige aanvulling op de huidige onderzoeksmethoden die rekenkamers gebruiken. Door het toepassen van een juiste mix van ‘traditioneel onderzoek’ en outside in-onderzoek verwachten wij dat de relevantie van onderzoek toeneemt. Rekenkamers kunnen namelijk hun aanpak beter afstemmen op de aanleiding van het onderzoek. Vraagt de raad om een controlerend, oordelend onderzoek? Gebruik dan de traditionele aanpak. Vraagt de raad om transparantie of om diagnostiek? Hanteer dan de outside in-aanpak.

Voor meer informatie kunt u hier het artikel over de outside in-aanpak te downloaden.

Deze blog staat ook op passie voor publieke verantwoording

Dit bericht is geplaatst in Outside-in onderzoek, Rekenkamers en rekenkamercommissies met de tags , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *