“Bij elk afscheid wordt een herinnering geboren”

Het is maandagavond. Ik zit op een terrasje in Zuid-Frankrijk. Ik kijk op mijn telefoon of ik nog mails heb gekregen. De mails ploppen op. En ineens zie ik het mailtje staan van de atletiekvereniging met het onderwerp ‘overlijden Jan’. Het is 25 graden in het avondzonnetje maar ik heb kippenvel. Nee, schiet het door mijn hoofd, het is hem niet gelukt.

 image

Ik denk terug aan een dinsdagavondtraining van pakweg 8 weken geleden. We werkten op de baan ons programma af en Jan liep in zijn eentje rondjes op het gras. Zijn karakteristieke loopje met hoofd en schouders iets vooruit gestoken alsof hij door de wind heen ploegt. Een paar jaar terug zat ik met Jan in het bestuur van de atletiekvereniging. Nadien sprak ik hem niet vaak meer. Ik had gehoord dat Jan ziek was. Ik twijfelde. Zal ik naar hem toelopen? Maar wat zeg je tegen iemand die te horen heeft gekregen dat hij ernstig ziek is? Ik liep nog een paar rondjes op de baan en besloot toen dat ik geen knip voor mijn neus waard was als ik niet naar hem toe zou lopen. Ik liep het gras op en ging met lood in mijn schoenen naast Jan lopen. “Hoe gaat het met je?”, vroeg ik. Wat een stomme vraag schoot het nog door mijn hoofd, maar Jan leek het niet te storen. “Kom, loop je een stukje mee?”, vroeg hij. Jan stak van wal en vertelde wat er de afgelopen weken was gebeurd. Ik liep naast hem en luisterde. Na drie rondjes rustten we uit. Ik was verbaasd over zijn goede conditie – niet iemand die ten dode was opgeschreven- en dit vertelde ik ook. Ik vroeg hem wat dit alles met hem deed. Hoe hij het voor elkaar kreeg om rondjes te komen lopen bij atletiekvereniging terwijl er misschien wel zo veel andere dingen waren die je kan doen. Jan vertelde me dat hij geloofde in zijn innerlijke kracht. In je eigen positieve energie. Daarmee kan je alles aan en misschien zelfs wel een dodelijke ziekte overwinnen. Jan was vastbesloten. “Ik wil de normale gewone dingen doen. Ik weet zeker dat ik sterk ben en ga er alles aan doen om beter te worden.  En anders heb ik in ieder geval wel een heel fijn leven gehad”. Ik vond het indrukwekkend. En ik geloofde hem! Ik wilde hem ook geloven. Wat zou het mooi zijn als je innerlijke kracht en wil om te leven zo groot is dat het ziekte overwint? Zichtbaar geëmotioneerd bedankte Jan me dat ik naar hem toe was gekomen. Met tranen in mijn ogen omhelsde ik hem en gaf hem een zoen op zijn wang. Ik ging terug naar mijn loopgroep en maakte mijn training af.

En nu –maar een paar weken later- is er dus die mail. Naast dat het niet te bevatten is dat Jan een paar weken geleden nog zo goed rondjes rende op het gras, was ik ook teleurgesteld. Het kan dus niet. Met positieve energie, met innerlijke kracht sterker zijn dan kanker. Het leek daar op het terrasje van Frankrijk wel of mijn eigen energie weg stroomde.

Ik klik op het pdf bestandje dat in de mail is gesloten. Het is de rouwkaart. Ik zie Jan zijn gezicht op de kaart en ik lees de tekst. Een tekst zonder wrok, zonder spijt, zonder zelfbeklag: “met dankbaarheid terugkijkend op een mooi leven”. En ineens snap ik het. Het is Jan toch gelukt. Innerlijke kracht heeft misschien niet deze dodelijk ziekte overwonnen, maar het heeft wel spijt en teleurstelling overwonnen. De innerlijke kracht stroomt van de foto. Hoewel ik me verdrietig voel, heb ik nu toch een klein glimlachje. Jan, ik zal me ons afscheid altijd herinneren. Bij elk afscheid, wordt namelijk een herinnering geboren (red – tekst van de rouwkaart).

Dit bericht is geplaatst in Al het andere. Bookmark de permalink.

Één reactie op “Bij elk afscheid wordt een herinnering geboren”

  1. Mirjam schreef:

    Liggend op de bank scrollend naar t leuke blogje wat je hebt geschreven over je eerste seniorenloop, kom ik hier terecht. De letters schieten langs en langzaamaan krijg ik een brok in mijn keel.

    Er rollen twee grote tranen over mijn wangen…..het ontroert me. Een prachtig stuk, Eline.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *